Cookies accepteren

Wij zijn wettelijk verplicht om je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en je hier over te informeren.

Zonder cookies kunnen niet alle onderdelen van onze website functioneren. Daarom is het helaas niet mogelijk om onze website te bezoeken als je geen cookies accepteert.

Cookies accepteren

Wat zijn cookies?

Cookies zijn kleine bestandjes die informatie over sitebezoek bevatten. Deze bestandjes worden op je computer geplaatst en zijn veilig. Ze kunnen nooit worden gebruikt om privégegevens van je computer uit te lezen of om wachtwoorden te onderscheppen. Cookies zijn ook niet in staat om een computer te infecteren met een virus. Bijna elke website gebruikt deze kleine bestandjes.

Lees meer

Wij gebruiken cookies voor:

Klik hier voor meer informatie over cookies.

Kinderen leren bidden

‘Lees je Bijbel, bid elke dag of je groeien mag.’ Een lied dat kinderen in allerlei talen aangeleerd krijgen in de kerk of op school. Een lied dat zo makkelijk door iedereen gezongen wordt. Op zich goed, maar hoe weten kinderen nu echt dat bidden en Bijbel lezen belangrijk is? Hoe leren ze bidden?

Bidden moet je leren. Er zijn veel volwassenen die het gevoel hebben dat ze niet kunnen bidden. Als de discipelen Jezus vragen: ‘Heer, leer ons bidden’ (Lukas 11:1), leert Hij hen een gebed dat wij kennen als het ‘Onze Vader’. Hieruit kunnen we veel leren over bidden! Allereerst zien we Gods karakter erin terug. God is een liefdevolle Vader, bij wie de deur elk moment openstaat voor zijn kinderen, en die ervan geniet als zijn kinderen met Hem communiceren. Het maakt dan ook niet uit met hoeveel woorden dat gebeurt. Of het nu prachtige zinnen zijn, of maar enkele woorden. In Mattheüs 6:7 zegt Jezus zelfs dat we niet met ‘omhaal van woorden’ moeten bidden. God weet al wat we nodig hebben, vóór we erom vragen. Uit dit gebed leren we ook dat we God dagelijks moeten vragen om wat we nodig hebben: ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’. Dat betekent dat we iedere dag ook reden hebben om God te danken. We vragen Hem iets, en ontvangen het ook van Hem. Maar voordat we Hem iets vragen, zeggen we: uw naam worde geheiligd, uw koninkrijk kome, uw wil geschiedde. Dit zegt opnieuw iets over Gods karakter. Hij is heilig. We mogen vragen wat we nodig hebben, maar wél vanuit de houding: uw wil geschiedde…

Kinderen

Om kinderen te leren bidden, is onze houding van levensbelang. Als opvoeders zijn we voor kinderen op alle terreinen een voorbeeld, ook op geestelijk terrein. En bidden hoort daarbij. Net zoals een kind lichamelijk groeit, groeit het ook geestelijk. Een kind van vijf bidt
anders dan een kind van tien. Het is belangrijk dat het gebed past bij de leefwereld van het kind. Het is communiceren met God, en communiceren doet ieder op zijn eigen niveau.

Samen bidden

In het ‘onze Vader’ vinden we niet één keer het woordje ‘ik’. Het gebed is gericht op God én op elkaar. In gebed kunnen we elkaar vinden. Het zorgt voor eenheid. Als we samen bidden: ‘Uw wil geschiedde’, dan moeten alle neuzen dezelfde kant op staan. Om in een gezin eenheid te bereiken, is het heel belangrijk dat er samen gebeden wordt. Hardop, persoonlijk, en vanuit de houding die  Jezus ons leert. Ook is het belangrijk dat we kinderen de ruimte geven en stimuleren hardop te bidden. Aan tafel, of ’s avonds voor het naar bed gaan. Het gezin is voor een kind dé basis om hardop te leren bidden. Hier voelt hij zich veilig. Het is dé plek waar hij zichzelf kan zijn, en dus ook kan leren dat hij zich veilig mag voelen bij God. 

Persoonlijk bidden

Het persoonlijk gebedsleven van een kind kunnen we stimuleren door met hen samen te bidden, bijvoorbeeld aan het eind van de dag. Op een rustig moment en een rustige plaats (zie Mattheüs 6:6), bijvoorbeeld voor het naar bed gaan, kan de dag overdacht worden. Het helpt als u als ouder eerst een gesprekje aanknoopt over wat er gebeurd is. Wat was goed en fijn, wat was juist niet leuk? Wat ga je God vertellen vandaag? Waar ga je voor danken? En zijn er nog mensen voor wie je wilt bidden? Belangrijk is dat het gebed iedere dag anders is. Standaard gebeden hebben het gevaar in zich dat ze opgezegd worden zonder er bij na te denken. Met mensen praat je niet iedere dag over hetzelfde, zo wil ook de Here God graag afwisseling. ‘Wilt U mijn zonden vergeven’ is bijvoorbeeld te algemeen. Wat is er verkeerd gegaan? Of wat kon je goed doen, maar heb je niet gedaan? Als je het aan God vertelt, wil Hij het graag vergeven.

Gebed: vijf vingers

Een hand heeft vijf vingers. Vijf vingers die ieder zouden kunnen staan voor een onderdeel van gebed. De duim kunnen we opsteken. Hiermee zeggen we dat God goed is. In gebed mogen we Hem prijzen. Het is belangrijk dat kinderen dit leren. Door liederen, maar ook in woorden, als ze hardop bidden. Met de wijsvinger kunnen we wijzen. We wijzen de vinger naar onszelf en belijden dat we niet zijn zoals God ons bedoeld heeft. En daarbij hoort dat we om vergeving vragen. De middelvinger staat voor het bidden voor de ander. In 1 Timotheüs 2:1 worden we opgeroepen om te bidden voor alle mensen. Ook kinderen moeten hierin gestimuleerd worden. Om niet alleen voor ‘de arme mensen’ te bidden, maar ook concreet voor personen uit hun omgeving. Opa of oma die ziek is, of een
klasgenootje dat gepest wordt. Wanneer de gebedspunten concreter zijn, is ook duidelijker te zien wanneer God een gebed verhoort.
Een ring aan een ringvinger geeft een relatie aan. Onze relatie met God is er dankzij het bloed van zijn zoon Jezus. God laat zijn trouw iedere dag opnieuw aan ons zien. Danken voor alles waarmee Hij ons zegent hoort daarom een vast onderdeel te zijn
van gebed. Tenslotte de pink. Last but not least: we mogen God vragen wat we nodig hebben. Hij geeft de Heilige Geest aan wie Hem daarom vragen (Lukas 11:13).

Eerst Hij, dan wij

Van Jezus leren we de volgorde: eerst Hij, dan wij. Om te voorkomen dat we onze eigen wil bij God gedaan proberen te krijgen. Voor kinderen en volwassenen betekent dit dat ze moeten leren wat Gods wil is. Door iedere dag de Bijbel te lezen, én dit toe te passen op hun eigen leven. Er moet een link gelegd worden. Een kind doet dit niet vanzelf. Daarom is het belangrijk dat er over gepraat wordt. Een kind leren bidden, heeft veel te maken met de houding die we zelf hebben naar God toe, maar ook ten opzichte van gebed. Wanneer we zelf niet op God vertrouwen en verhoring verwachten, hoe kunnen we dan van een kind verlangen dat hij dat wel doet? Wanneer we zelf niet elke dag de Bijbel lezen en bidden, hoe moet een kind het dan leren? Kinderen gaan niet vanzelf bidden, ze moeten hierin gestimuleerd worden. Wanneer we zelf open zijn over onze relatie met de Here God, zullen ze ervan leren en de
ruimte hebben om dezelfde openheid te tonen.