Cookies accepteren

Wij zijn wettelijk verplicht om je toestemming te vragen voor het gebruik van cookies en je hier over te informeren.

Zonder cookies kunnen niet alle onderdelen van onze website functioneren. Daarom is het helaas niet mogelijk om onze website te bezoeken als je geen cookies accepteert.

Cookies accepteren

Wat zijn cookies?

Cookies zijn kleine bestandjes die informatie over sitebezoek bevatten. Deze bestandjes worden op je computer geplaatst en zijn veilig. Ze kunnen nooit worden gebruikt om privégegevens van je computer uit te lezen of om wachtwoorden te onderscheppen. Cookies zijn ook niet in staat om een computer te infecteren met een virus. Bijna elke website gebruikt deze kleine bestandjes.

Lees meer

Wij gebruiken cookies voor:

Klik hier voor meer informatie over cookies.

Christogees

Christogees als tweede taal

Nederlandse christenen zijn een apart volkje: doordeweeks spreken ze overwegend Nederlands met hun collega's, vrienden en familie. Maar dan plotseling in het gesprek met God zelf, of met andere christenen tijdens de zondagse samenkomst switchen ze naar een apart dialect: het Christogees. Christogees wordt in het Christogees ook wel "Tale Kanaäns" genoemd. Het is een combinatie van het Nederlands met wat Statenvertalings en Kerkiaans. In het Christogees zingen we niet over hoe tof God is, maar we loven en prijzen de HEER. In plaats van iemand opbeuren met een compliment krijgen we een woord van bemoediging voor die broeder op ons hart. 

Christogees creëert afstand 

Natuurlijk is iets als taalgebruik slechts vorm, maar toch is vorm bepalend voor hoe de inhoud overkomt. Wat ik zie is dat deze kerktaal afstand kan creëren. Afstand tussen veel christenen en God, afstand tussen generaties en afstand tussen de kerk en ongelovigen. 

Het Christogees creëert voor veel gelovigen afstand tussen hen en God.
Tijdens een bidstond (Nederlands: gebedsbijeenkomst) of de eredienst (de zondagse bijeenkomst) hoor je mensen prachtig bidden "opdat de sluizen van de hemel geopend worden en de Geest door de rijen zal gaan" en dan denkt de ene "sjonge, die weet dat mooi te bidden zeg! Daar durf ik met mijn gehakkel niets aan toe te voegen." en een ander denkt "Waar heeft die het nou weer over?!".
De bidder zal vast goede intenties hebben maar door z'n taalgebruik kan het afstandelijk over komen en brengt het soms onzekerheid bij anderen. Bovendien kan dit het idee geven dat het Christogees dé taal is waarmee je God aanspreekt, iets wat geleerd moet worden voordat je “vrijmoedig tot de troon des Heren kunt naderen”.

Waarom kunnen we niet tegen de Vader praten zoals we tegen een vader praten? Dit met het gepaste respect uiteraard.
"Vader, dank U wel dat U mij deze dag helpt om mijn werk goed te doen. Eigenlijk heb ik er helemaal geen zin in en ik baal ervan dat... maar ik wil er toch voor gaan. Help me alstublieft te doen wat U graag wilt wat ik doe." Als we zo bidden, met alledaagse woorden, geven we twee signalen aan onze kinderen: Bidden is makkelijk en God is voor mij even benaderbaar als een goede aardse vader. Communicatie met elkaar en communicatie met God zijn geen 2 strikt gescheiden werelden, maar ze mogen een eenheid vormen.

Een man in onze gemeente zei laatst tegen me: “Toen ik voor het eerst in de kerk kwam dacht ik: ‘in wat voor toneelstuk ben ik beland?!’” Hij doelde op hoe iedereen tijdens de dienst feilloos overschakelde naar het Christogees en daarna deze ‘toneeltaal’ weer losliet.

Hoe leren onze kinderen en tieners bidden? Grotendeels door te luisteren naar hoe wij bidden. Op zondag wordt er wellicht gedankt voor de goedertierenheid, en lankmoedigheid die Hij ons betoont. Kunnen we God dan niet beter bedanken hoe goed en geduldig Hij is voor ons? Dan snapt iedereen tenminste wat we bedoelen, kunnen de jongeren het volgen en is het zelfs toegankelijk voor hen om ook zo te bidden. Wat ik jeugdleiding en ouders aanraad is om “OKE” te bidden: Oprecht, Kort en Eenvoudig. Ik ben het eens met de woorden van Paulus: "Ik spreek liever 5 woorden in een taal die iedereen begrijpt dan duizend in een onbekende taal." Hoewel dit citaat geheel uit context is, is het niet minder waar met betrekking tot het Christogees.

Het is waar dat sommige Bijbelse begrippen lastig uitgedrukt kunnen worden in het hedendaags Nederlands. Woorden als 'heilig' en 'rechtvaardig' hebben een diepe betekenis en zijn niet zomaar te vertalen naar vlotte taal. Misschien is het goed zulke woorden wel te blijven gebruiken maar dan moeten we de betekenis goed uit leggen aan elkaar en aan de jongeren! Hoewel dit niet eens de meest abstracte woorden van het Christogees zijn, kunnen weinig tieners goed uitleggen wat deze twee woorden betekenen. Dit betekent dus dat ze puur door ons taalgebruik delen van de dienst en andermans gebeden niet kunnen volgen. 

Ik wil graag afsluiten met een mooie uitdaging waar je zelf én je omgeving veel profijt van zal hebben: Probeer eens in je persoonlijk en openbaar gebed geen enkel woord of uitdrukking te gebruiken die een pasbekeerde of een tiener niet zou begrijpen.

Tom Baksteen – maart 2018